top of page

Een nieuw broertje of zusje

Bijgewerkt op: 7 jan.

Een nieuw broertje of zusje krijgen kan heel erg ingrijpend zijn voor kinderen. Opeens is alles anders en moeten ze hun ouders, hun aandacht, maar ook hun leefruimte delen met een vreemd wezen waar zij zelf niets aan hebben en ook (doorgaans) niet om hebben gevraagd. Het is dus heel normaal dat dit grote gevoelens met zich meebrengt. Stel je voor dat je partner plots met een nieuwe vrouw (of man) thuis komt. Hij zegt hierbij: “Oh schat, ik heb iemand nieuw gevonden en ik vind haar geweldig! Ze is zo lief en mooi. Ze komt bij ons wonen en zal vanaf nu altijd bij ons zijn. Ik moet wel veel met haar bezig zijn. Maar ik zie jou ook nog heel graag hè! De kleren die jou niet meer passen zullen we aan haar geven. En al je spullen zal je vanaf nu natuurlijk ook met haar moeten delen.” Welke gevoelens zou dit bij jou oproepen? Verwarring, verdriet, frustratie, boosheid, eenzaamheid, jaloezie, maar misschien ook wel nieuwsgierigheid? Mogelijk zijn dit ook gevoelens die je kind zal ervaren. Het is dus zeker een goed idee om de komst van een nieuw broertje of zusje goed te begeleiden, zowel op voorhand als wanneer die kleine spruit er eindelijk is. In dit artikel vind je een hele hoop tips waar je mee aan de slag kan gaan. Haal er vooral de tips uit die jou op dit moment zinvol lijken.



Idealiter zorg je voor een goede voorbereiding. Een paar tips:

  • Lees samen boekjes over baby’s en over grote broer of zus worden.

  • Je kan ook samen terug gaan kijken naar de foto’s en filmpjes van toen hij/zij zelf nog een baby was!

  • Haal een pop in huis (moest die er nog niet zijn). die kan je gebruiken bij de voorbereiding, maar ook als de baby er al is! Kinderen doen graag wat mama en papa doen, dus dan hebben ze een ideaal attribuut om mee aan de slag te gaan.

  • Je kan je kindje meenemen naar de gynaecoloog bij een echo zodat ze de baby al eens kunnen zien.

  • Geef informatie: vertel dat ze veel slapen, dat ze melk drinken (afhankelijk van of je flesjes of borstvoeding geeft kan je daar verder op ingaan en als je een pop bij de hand hebt kan je dat ook visualiseren!), vertel dat ze huilen om te vertellen dat ze iets nodig hebben en dat ze het eerste jaar nog niet zo goed kunnen spelen.

  • Afhankelijk van de leeftijd kan je ook polsen naar hoe zij er zelf naar kijken om grote broer of zus te worden. Wat is hun idee daar over? Oudere kinderen hebben er vaak wel een idee van op basis van dingen die ze op tv zien, die ze op school oppikken of die ze van andere familieleden te horen krijgen. Dit is dan ook de ideale kans om eventuele foutieve opvattingen te corrigeren.

  • Praat over wat er gaat veranderen en vooral ook over wat hetzelfde gaat blijven! Bijvoorbeeld: mama en papa houden nog evenveel van jou, je kamer blijft van jou,... Of: vanaf nu komt oma elke dinsdag een halve dag om met jou te spelen,...

  • Laat je kind meehelpen bij het inrichten van de babykamer of mee spulletjes uitkiezen voor de baby.

  • Als er andere veranderingen op de planning staan zoals een wissel van bed of kamer, een verhuis, zindelijkheidstraining,... probeer er dan, in de mate van het mogelijke, voor te zorgen dat deze niet samenvallen met de komst van de nieuwe baby.


Je kan eventueel ook een kado voorzien voor grote broer/zus ‘van de baby’ en andersom! Laat je kind een kado kiezen voor de baby en wanneer ze elkaar de eerste keer ontmoeten kunnen de kadootjes uitgewisseld worden. Op de geboortelijst kan je ook altijd dingen voor het oudere kind voorzien. De meeste babyspullen zul je toch al hebben ;)


Gedragsveranderingen die je zou kunnen zien bij de kersverse grote broer/zus

(soms zie je hier ook al iets van voor de baby er effectief is!)

  • Een toename in driftbuien

  • Vaker huilen

  • Controle zoeken en bepalend zijn

  • Agressie naar ouders of naar baby toe

  • Slechter of anders slapen of eten

  • Heel zorgzaam zijn

  • Zich meer terugtrekken


Hieronder zitten vaak gevoelens zoals angst, jaloezie, onzekerheid,... Wanneer er opeens een nieuwe baby in huis is zorgt dit sowieso voor een hoop veranderingen. Veranderingen waar je als ouder zelf vaak niet helemaal op voorbereid bent, dus logisch ook dat je je kind hier moeilijk op kan voorbereiden. Het kan voor kinderen heel wat onduidelijkheid en onzekerheid met zich meebrengen. Hun wereld staat even volledig op zijn kop. Opeens moeten ze de aandacht van hun ouders delen, bij bezoek staan zij niet meer in het middelpunt van de belangstelling,... Oudere kinderen die lang enig kind geweest zijn kunnen zich ook gaan afvragen of zij dan niet genoeg waren voor hun ouders en dat ze daarom nog een baby wilden. Dat zijn best complexe en lastige gevoelens voor jonge kinderen. Want we mogen niet vergeten dat ze, ook al zijn ze nu grote broer of zus, nog altijd zelf kleine kinderen zijn die hulp nodig hebben bij het omgaan met hun gevoelens.


Bij gevaarlijk of agressief gedrag moet je natuurlijk ingrijpen en grenzen stellen zodat het voor iedereen veilig blijft. Vergeet alleen niet om ook en vooral erkenning te geven voor de onderliggende gevoelens zoals jaloezie, onzekerheid, angst,... en om zeker ook tegemoet te komen aan de onderliggende behoeften zoals aandacht, geruststelling, duidelijkheid,... Als je dat niet doet dan blijft die behoefte aanwezig en zal je dus ofwel hetzelfde gedrag zich zien herhalen, of ander gedrag zien dat daarom niet per sé beter is.


Het is ook heel goed mogelijk dat je kind in de aanloop naar of bij de komst van een broertje of zusje zich opeens weer jonger gaat gedragen. Dat hij zich weer als een babietje gaat gedragen, in de maxi cosi probeert te kruipen of de wipper, of babytaal gebruikt. Ook op vlak van slapen, eten en zindelijkheid kan er een korte terugval zijn. Dat is doorgaans een manier om extra zorg en aandacht te vragen. Je kan hier gerust op een speelse manier in meegaan en eventueel ook onderliggende gevoelens en behoeften proberen te verwoorden. “Ook al ben je geen kleine baby meer, mama en papa gaan altijd van jou blijven houden en we gaan altijd goed voor jou blijven zorgen.”


Dingen die je zou kunnen doen wanneer de baby er is:

We hebben de neiging om enkel te focussen op de leuke en positieve dingen. Het is echter erg belangrijk om ook uitgebreid erkenning te geven voor de lastige gevoelens die je kind mogelijk ervaart. Sommige kinderen laten dit heel duidelijk merken, anderen minder. Dat betekent daarom niet dat ze het allemaal prima vinden. Dat kan je doen door niet alleen het gevoel te erkennen, maar ook de oorzaak van het gevoel en de onderliggende behoeften te benoemen. Bijvoorbeeld: “Ik kan me voorstellen dat je je heel erg verdrietig voelt omdat mama en papa veel met zusje bezig zijn en niet altijd met jou kunnen spelen wanneer jij dat wilt. Het is allemaal een beetje anders en raar nu he? Volgens mij zou jij het liefst van al heel de tijd bij mij willen zijn nu. Ik snap dat dit allemaal even heel moeilijk is. Ik vind het belangrijk dat je weet dat ik jou altijd graag zie, ook al is zusje er nu bij. Jij blijft altijd even speciaal voor mij en ik hou altijd van jou.” (Uiteraard pas je je boodschap zoals altijd aan aan de leeftijd van je kind).

Belangrijk is dat je kindje hoort en voelt dat die lastige gevoelens normaal zijn en dat ze er ook mogen zijn én dat jullie hem/haar nog altijd graag zien. Want een nieuwe baby kan daar wel eens twijfels rond zaaien bij jonge kinderen. We zijn soms terughoudend om die negatieve gevoelens te benoemen uit angst om ze te versterken, of om je kind iets aan te praten. Maar zoals eerder gezegd: die gevoelens zijn er waarschijnlijk al. Ze benoemen kan vooral een grote opluchting zijn voor je kind.


Let er op dat je de nieuwe baby niet altijd aanwijst als reden waarom je niet tegemoet kan komen aan de behoeften van je oudste kind. Bijvoorbeeld: In plaats van te zeggen “Stil zijn want de baby slaapt” kan je zeggen “Nu doen we even een rustig spelletje”. Of bvb “Er mag maar 1 kindje tegelijkertijd in de box” in plaats van: “Nee jij mag niet want de baby zit in de box.” Het risico bestaat anders dat zij de nieuwe baby nog meer als oorzaak van alle ellende gaan zien en nog meer negatieve gevoelens gaan krijgen tegenover de baby. Afhankelijk van de leeftijd van je kinderen heeft dit ook weinig zin, want peuters/kleuters kunnen nog moeilijk rekening houden met anderen.


Zorg er af en toe bewust voor dat je het oudste kind af en toe voorrang geeft, door bijvoorbeeld de baby even weg te leggen of aan je partner te geven (indien mogelijk natuurlijk) en door expliciet te benoemen dat hij even moet wachten omdat je met de grote broer of zus bezig bent.

Of zoek een andere oplossing zoals samen op de zetel of op de grond gaan zitten bij voedingsmomenten bijvoorbeeld zodat je toch fysiek nabij kan zijn. Soms lokt een voedingsmoment verdriet, boosheid of frustratie uit bij oudere kinderen. Die gevoelens mogen er natuurlijk zijn, maar fysieke nabijheid werkt vaak toch extra troostend en geruststellend. En zo kom je tegelijkertijd ook tegemoet aan de onderliggende behoefte. Als er geen alternatief is kan je niet veel anders doen dan het gevoel erkennen en er laten zijn. Uiteraard kan je wel nog iets zeggen als: “Als zusje klaar is met drinken dan ben ik er helemaal voor jou! Kies jij ondertussen al een leuk boek dat we kunnen lezen of een puzzel om samen te maken? Ik kan niet wachten om even iets samen met jou te kunnen doen.”


Je kan ook een doos voorzien met leuke eenvoudige spelletjes of een snack die enkele boven komt tijdens voedingsmomenten zodat broer of zus iets heeft om zich mee bezig te houden. Google eens op ‘busy box’ voor inspiratie.


Nog een paar tips:

  • Wanneer de baby zijn grote broer of zus aanraakt op een manier die ze niet fijn vinden kan het ook goed zijn om te benoemen: ‘Denk eraan dat je zachtjes moet doen met elkaar!’ De baby kan daar natuurlijk niets aan doen, maar de kans is groot dat de grote broer/zus dit 100 keer hoort, dus dan is het wel fijn om te merken dat de regels voor alle kinderen gelden.

  • Benoem de fijne interacties die je ziet: “Oh je broertje vindt het leuk als je zingt, kijk hoe hij lacht.” “Volgens mij wilt zusje graag met jou spelen, kijk eens hoe ze naar jou kijkt en haar handjes naar je uitstrekt.”

  • Betrek de oudste bij de verzorging als hij of zij dat leuk vindt: luier en doekje aangeven, de baby entertainen, een flesje helpen maken,...

  • Vertel fijne dingen over de grote broer/zus aan de baby terwijl hij/zij het hoort.

  • Wees geduldig en blijf uitleggen hoe baby’s werken en wat ze nodig hebben en benoem wat de baby al kan en wat nog niet.

Wat ook absoluut aan te raden is, is om dagelijks extra momenten van exclusieve aandacht te voorzien, zoals bijvoorbeeld met speciale speeltijd. Idealiter elke dag 10 minuten. Doe samen iets waarbij je oudste kind je volledige aandacht krijgt. Onderliggend aan lastig gedrag zit vaak de behoefte om gezien te worden, om aandacht te krijgen, om bevestiging te krijgen dat jullie hem of haar nog steeds graag zien. Dat kan je dus zeker ook benoemen zoals eerder gezegd, én het is daarnaast natuurlijk belangrijk om aan die behoefte tegemoet te komen. Dat kan je dus doen door dagelijks een portie exclusieve aandacht te voorzien.


Wees ook (en misschien vooral) mild voor jezelf

Het is uiteraard niet nodig dat je al deze dingen altijd doet. Zeker wanneer de baby er al is heb je je handen als ouder doorgaans (letterlijk en figuurlijk) al vol genoeg.. Voel je niet verplicht om al deze tips toe te passen of gefaald wanneer het niet lukt of wanneer je je geduld verliest en uitvliegt tegen je oudste. Probeer hier nadien even op terug te komen en je te verontschuldigen. Vertel dan bijvoorbeeld dat het een grote verandering is voor jullie allemaal en dat jullie samen gaan ontdekken hoe iedereen zijn plekje kan vinden in jullie nieuwe gezin. Dat kost misschien wat tijd en verloopt met vallen en opstaan, maar dat is ook helemaal oké!


15 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven
Post: Blog2_Post
bottom of page